Accepteer cookies om deze inhoud in te laden.

Hand getekende kaarten

Pjotr Gonggrijp (1935) studeerde aan de toenmalige TH Delft en was student-assistent van Cornelis van Eesteren, de voormalig secretaris-generaal van CIAM. Uit interviews en in het archief aanwezige correspondentie blijkt dat Gonggrijp zich kritisch uitliet over de analytische stedenbouw van Van Eesteren. Gonggrijp zou ook Aldo van Eyck assisteren bij diens onderwijs in Delft, en werd geraakt door diens beeldende taalgebruik over de menselijke ervaring van de architectonische ruimte.

Gonggrijp studeerde in 1969 af op een landschappelijke studie van West-Nederland. Zijn ontwerponderzoek richtte zich op de voortgaande expansie van de Rotterdamse haven en de situering van nieuwe havenbekkens, goederenstromen en woongebieden in de regio. Voor het onderzoek maakte hij met de hand getekende kaarten met meerdere transparante vellen over elkaar heen.

Michelin

De tekeningen zijn een analyse van de Nederlandse delta en haar karakteristieke geologische, landschappelijke formaties in relatie tot de verschillende nederzettingspatronen. Voor zijn tekeningen gebruikte Gonggrijp diverse onderleggers, waaronder eigentijdse Michelinkaarten, topografische kaarten van rond 1850 en historische kaarten van Jacob van Deventer uit de 16e eeuw.

De tekeningen laten vaak meerdere tijdslagen tegelijk zien: historische landschappen en steden worden bijvoorbeeld gecombineerd met moderne infrastructuur van havenbekkens en spoorwegen. Gonggrijp’s fascinatie voor antropologie en psychoanalyse maakte dat de tekeningen niet alleen een architectonisch instrument waren, maar ook een middel om de specifieke identiteit van het landschap en zijn bewoners letterlijk in kaart te brengen.

Lees ook